Editie MEI 2012

ONTVANG EMIGREER MAGAZINE VOORTAAN OOK IN JE MAILBOX !!

 

Top 10

Wat mag en moet inzake het onderwijs


Geschreven door Emil Roelofs,  
Wereldschool

In de regel acclimatiseren kinderen het snelste in hun nieuwe thuisland als ze ook naar school gaan. Om uiteenlopende redenen kiest toch niet iedere ouder er voor hun kind naar school te sturen. Sommigen laten hun kinderen het eerste jaar na de emigratie huisonderwijs volgen, bijvoorbeeld via de Wereldschool. Dat jaar wordt dan tevens gebruikt om de kinderen intensief de nieuwe taal te leren, zodat zij het daarop volgende jaar wel succesvol naar school kunnen. Immers, de taal is dan geen echte barrière meer voor het leren. Andere ouders kiezen vanuit opvoedkundige of levensbeschouwelijke overtuiging voor thuisonderwijs of om de praktische reden dat er op bereisbare afstand geen (goed) onderwijs voorhanden is. Ik kan in deze column niet alle pro’s en contra’s van schoolsonderwijs versus thuisonderwijs behandelen. Complicerende factor zou daarbij ook nog zijn dat je de verschillende invullingen van thuisonderwijs moet vergelijken met het schoolonderwijs per land, waarbij de meeste landen ook nog eens verschillende vormen van schoolonderwijs hebben. Met die beschouwingen zou een boek te vullen zijn. Waar ik wel even bij stil sta is wat mogelijk is in een aantal landen.
 

Om maar dicht bij huis te beginnen: in Nederland is leerplicht feitelijk schoolplicht. Ieder in Nederland wonend kind – dus ook een buitenlands kind – moet naar school. Men kan een beroep doen op vrijstelling, maar de overheid werkt dit waar mogelijk tegen. In de meeste brochures van gemeentes wordt bijvoorbeel niet vermeld dat men, voordat een kind voor het eerst naar school gaat, vrijstelling kan aanvragen op levensbeschouwelijke grondslag. Doet men dat later alsnog, dan resulteert dat vaak in een rechtzaak, die de ouders overigens meestal wel winnen. Het zou bijna een reden zijn om te emigreren...

In België is huisonderwijs toegestaan. Echter, iedere regio (Vlaanderen, Wallonië en de Duitstalige gemeenschap) stelt wel aanvullende regels, voornamelijk inzake de controle op en de eisen waaraan het huisonderwijs moet voldoen.
 

In Griekenland en Duitsland geldt, net als in Nederland, een strikte schoolplicht. Alleen in Griekenland laten de autoriteiten het oogluikend toe dat buitenlandse kinderen niet naar school gaan.
 

In de meest Oost-Europese landen is sinds het communistische tijdperk voorbij is thuisonderwijs toegestaan, uitgezonderd Kroatië, Roemenië en Slowakije.
 

In Denemarken, Oostenrijk
 en Ierland is zelfs in de grondwet opgenomen dat ouders het onderwijs van hun kinderen zelf ter hand mogen nemen. In het Verenigd Koninkrijk is hierover constitutioneel niets vastgelegd, maar mag huisonderwijs, al verschillen per regiode de voorwaarden en de controle.

In Frankrijk is het een recht en mogen ouders zelfs gebruik maken van Le Centre national d'enseignement à distance (CNED), een instelling die afstandsonderwijs biedt voor kinderen.
 

In Zweden en IJsland is het geen wettelijk recht, maar krijgt men onder voorwaarden wel toestemming. Dit is echter geen automatisme.
 

In de Verenigde Staten was thuisonderwijs tot 1975 in vrijwel alle deelstaten verboden. Sindsdien kent het thuisonderwijs een grote bloei. Wel stelt iedere staat zijn eigen regels, variërend van vrijwel geen toezicht tot strenge, periodieke controles op de lesstof en de vorderingen. Men treft daar ook veel verenigingen aan van ouders voor huisonderwijs. Die helpen bij de aanvraag en adviseren over lesmateriaal, toetsing e.d.
 

Het bovenstaande is een sterk verkorte en vereenvoudigde weergave van hoe het per land is. Bedenk dat op iedere regel wel een uitzondering is en dat niet ieder land, regio, gemeente of ambtenaar even strikt met de regels om gaat. De Wereldschool heeft ook leerlingen die in Nederland en Duitsland wel thuisonderwijs volgen en er zijn ook gezinnen in landen waar het formeel is toegestaan die toch druk van de locale autoriteiten ondervinden om de kinderen naar school te laten gaan. Opmerkelijk is dat in vrijwel alle landen het aantal kinderen dat thuisonderwijs volgt geleidelijk aan toeneemt. Het blijft echter een fractie van de totale populatie leerlingen.
 

In het begin van het artikel gaf ik al aan dat vele overwegingen een rol kunnen spelen om te kiezen voor school- of huisonderwijs. Een veel gehoord misverstand is dat de sociaal-emotionele ontwikkeling van kinderen in het gedrang komt bij huisonderwijs. Diverse onderzoeken hebben aangetoond dat gemiddeld genomen dit niet waar is. Mede omdat ouders heel bewust kiezen voor huisonderwijs en daar geld en tijd voor over hebben, blijkt dat deze kinderen zowel in sociaal als in economisch opzicht later succesvolle burgers worden. Ik pleit er niet voor om huisonderwijs te verkiezen boven schools onderwijs, maar het verdient – althans in de landen waar het toegestaan is – wel een serieuze afweging.

Emil Roelofs


Directeur Wereldschool

Naar de Website van de Wereldschool:


Terug naar alle columns van Emil Roelofs: