Editie MEI 2012

ONTVANG EMIGREER MAGAZINE VOORTAAN OOK IN JE MAILBOX !!

 

Top 10

Oriëntatie

Geschreven door Emil Roelofs,  Wereldschool

 

Tijdens de emigratiebeurs in Houten heb ik bij iedereen die bij de Wereldschool informatie vroeg bijgehouden hoe ver men was in het beslissingstraject om te emigreren. Uiteraard heb ik niet alle bezoekers gesproken, maar toch: ca 60% had ‘vage’ plannen, 30% had een concreet land en regio of woonplaats in het vizier, maar wist nog niet of en wanneer men vertrok en 10% noemde een woonlocatie en de maand van vertrek. Laten we die 60% buiten beschouwing, dan bleek van de overige 40% dat veel emigranten in spe zich nog niet hadden verdiept in het toekomstig onderwijs van hun kinderen. Dat is opmerkelijk, vooral bij die 10% die binnenkort Nederland verlaat. Wellicht denkt u nu dat er wel belangrijkere zaken te regelen zijn dan het onderwijs. Zeker, er moeten veel geregeld worden, voordat men sowieso kan emigreren en daar hoort onderwijs niet bij. Feitelijk kan je onderscheid maken tussen wat het emigreren mogelijk maakt en wat het emigreren kansrijk maakt. Bij die laatste hoort zeker het onderwijs van de kinderen, naast de nieuwe taal leren, inkomsten verwerven e.d. 

Het is geen gemakzucht dat men over het algemeen het onderwijs ziet als iets waar men zich later op oriënteert. In Nederland zijn we verwend met relatief goed en gratis onderwijs. Er ontstaat in ons landje al commotie als op het platteland kleine scholen moeten fuseren of wanneer er politieke druk ontstaat om de toename van leerlingen in het speciaal onderwijs af te remmen. Gelukkig staat niet de kwaliteit van het voor (vrijwel) iedereen toegankelijke onderwijs ter discussie. Er is wel regelmatig kritiek n.a.v. incidenten, maar over de hele linie is het Nederlandse onderwijs geen zorgpunt voor ouders. Ik vermoed dat daarom velen denken bij emigratieplannen: “Ach, de taal zal in het begin op school wel een probleem zijn, maar dat lost zich vanzelf op.” Zou in ieder land het onderwijs zo georganiseerd zijn als in Nederland en Vlaanderen, dan klopt die redenering aardig. Echter, in veel landen – en mate name in de rurale gebieden – is dat niet zo. Maar al te vaak heeft de school geen programma’s voor buitenlandse kinderen met een taalachterstand. Zolang ze zich rustig houden en geleidelijk aan de nieuwe taal verwerven vindt de school het goed. Voor kinderen is het echter essentieel dat zij direct een goede start op de nieuwe school maken. Dat betekent, voordat men emigreert, voor het kind nieuwe taal leren en voor de ouders zich  oriënteren op het onderwijs daar. Heeft de toekomstige school ervaring met het opvangen van buitenlandse kinderen? Hoe staat het met de onderwijsinhoud in relatie tot vervolgonderwijs?

Wat zijn alternatieven, bijvoorbeeld privéscholen of internationale scholen en wat kosten die? Laat ik de kinderen eerst een jaartje via de Wereldschool thuis onderwijs volgen, zodat ze ondertussen de nieuwe taal goed kunnen leren? Mag huisonderwijs wel volgens de wet van dat land?
 Onderwijs is, zoals al eerder gezegd, geen voorwaarde om te kunnen emigreren, maar het bepaalt mede het succes van de emigratie. Kinderen mogen zich niet diep ongelukkig voelen, doordat een taalkloof het moeilijk maakt vriendjes te krijgen en ze op school niet mee kunnen. Geen reden om niet te emigreren, wel reden om ook de kinderen goed voor te bereiden. Leer ze de taal en verdiept u in het onderwijs! Het moge duidelijk zijn dat naar mate de kinderen ouder zijn, dit steeds belangrijker wordt. Peuters verwerven snel de nieuwe taal en ook hun daar autochtone leertijdgenootjes moeten nog leren lezen en schrijven. Naar mate kinderen ouder zijn, zijn vriendschappen – en dus kunnen communiceren in de nieuwe taal - steeds belangrijker. Uiteraard moet goed onderwijs de basis leggen voor hun toekomst.

 

Naar de Website van de Wereldschool:

 

Terug naar alle columns van Emil Roelofs: