Verliefd op Oostenrijk
Verliefd op Oostenrijk
Mei 2002 is ons gezin Mark (39), Annet (38), Mike (14), Brian (11) geëmigreerd naar Sankt-Oswald.
Een klein dorpje in het zuiden van Oostenrijk. Het dorp waar Mark al meer dan dertig jaar met zijn familie de vakanties heeft doorgebracht.Hoewel voor velen de reden van emigratie het steeds voller wordende Nederland is met zijn vele regels, hoge misdaadcijfers en dalende normen en waarden, zijn wij gewoon verliefd geworden op dit plaatsje. We voelen ons hier thuis. Natuurlijk spelen ook andere redenen een rol. De hoge werkstress die we in Nederland hadden, met nauwelijks vrije tijd en weinig tijd voor de kinderen, was ook een argument om ons leven drastisch te veranderen. De eerste anderhalf jaar van ons verblijf hier in Oostenrijk hebben wij dan ook niet gewerkt, maar volop genoten van onze nieuwe woonomgeving en van elkaar.
Een uitgelopen sabattical
Natuurlijk is het niet voor iedereen weggelegd om anderhalf jaar zonder inkomsten te overbruggen. Wij hadden het geluk om in een goede tijd ons eigen huis te kunnen verkopen. Van de overwaarde van ons huis hebben wij geleefd. Hoewel de overwaarde in eerste instantie bedoeld was om hier in Oostenrijk een huis of appartementenhuis te kopen, hebben wij er geen moment spijt van dat het anders is gelopen. Ook niet nu het financieel allemaal niet zo makkelijk gaat en wij het vinden van een goede baan en een behoorlijk salaris onderschat hebben. We kunnen ons goed voorstellen dat veel mensen het hiervan benauwd zouden krijgen. Voor ons is het een unieke ervaring geweest en wij beschouwen het als een ietwat uit de hand gelopen sabbathical year. Natuurlijk kun je hier ook van de heerlijke berglucht alleen niet leven. We hebben dus weer een inkomen nodig. Omdat we nu de vaste lasten laag houden hoeft dit echter niet meer zo veel te zijn. Of het er ooit nog van komt om hier iets voor ons zelf te kopen? Misschien als we een loterij winnen of iets dergelijks.
Heel ander werk
In Nederland werkte Mark als logistiek medewerker bij Campina en ik als reintegratieconsulent bij ABP/USZO. Wij zijn beiden hoog opgeleid en hebben goed betaalde banen opgegeven. Nu, hier in Oostenrijk, heeft geen van ons beiden de behoefte om zich weer vol op het werk te storten. We hebben geen lange reistijden en geen werkstress. Afgelopen drie winters heeft Mark bij de plaatselijke skiverhuur gewerkt. Dit beviel hem in het begin goed maar is op de lange termijn niet vol te houden. Op de werkvloer heerst nog heel duidelijk hiërarchie en dat is voor ons Nederlanders best moeilijk om mee om te gaan. Mark is nu weer op zoek naar werk. Ik zelf heb gebabysit in de weekeinden en regelmatig op kinderen van toeristen gepast. Daarnaast serveerde ik bij drukte nog in een klein restaurantje bij ons aan de overkant van de straat. Vooral het contact met goed gehumeurde toeristen vind ik ontzettend gezellig. Ook ben ik mijn hobby, kinderschminken, gaan uitbreiden waarvoor ik mij als zelfstandige heb gevestigd. In ieder geval willen wij dat er steeds één van ons thuis is wanneer de kinderen thuis zijn. Het hebben van werk beneden niveau met daarbij een salaris dat beneden het Nederlands bijstandsniveau ligt ervaren wij als frustrerend en demotiverend. Dit hebben wij onderschat. Het is niet zo dat het een reden is om terug te gaan maar het was fijn geweest als wij dit vooraf beter hadden kunnen inschatten. Helaas was hierover niets bekend en is het ook niet iets wat anderen je graag vertellen.
Gewoon naar school
De kinderen gaan hier gewoon naar de plaatselijke school. Brian zit in de tweede klas van de Sporthauptschule. Mike gaat naar de eerste klas van het HAK (handelsacademie), een vijfjarige beroepsopleiding. Iedere ochtend vertrekt Mike om kwart over zes en Brian om zeven uur met de bus. De schooldag van de kinderen begint vroeg, om tien voor acht. Ze hebben geen lunchpauze, maar zijn daardoor wel altijd 's middags eerder vrij. De Duitse taal heeft voor de kinderen nooit problemen opgeleverd. Ze halen prima cijfers en hebben volop vriendjes. Voor ons een teken dat ze lekker in hun vel zitten anders zou dit volgens ons niet mogelijk zijn. Naast school zijn ze druk met sport. In Nederland waren we ook erg betrokken bij wat de kinderen deden, maar hier hebben we daar veel meer tijd voor. Door de kinderen hebben wij heel gemakkelijk en snel sociale contacten opgebouwd met andere ouders. De Oostenrijker is erg vriendelijk en heel gastvrij.
Kleiner wonen
Natuurlijk was onze emigratie best een omschakeling. Allereerst gingen wij van een grote woning, waar ieder zijn eigen kamer had, naar een klein appartementje. Veel spullen konden hierdoor niet eens mee, die staan nu opgeslagen. De kinderen delen een slaapkamer. Grappig genoeg zijn wij inmiddels zo gewend dat we niet eens meer groter willen, al blijft een eigen kamer voor de jongens wel op het verlanglijstje staan. De skigondel hebben we voor de deur. Als echte skifanaten kunnen we het natuurlijk niet mooier hebben. Daarnaast moesten we natuurlijk wennen aan een andere levenswijze en mentaliteit van de mensen. Terugkijkend vind ik dat onze emigratie en het integreren in ons nieuwe land heel voorspoedig en makkelijk is verlopen.
We missen alleen de dropjes
De verwachte heimwee naar Nederland en familieleden is uitgebleven. Oostenrijk is gelukkig ook weer niet de andere kant van de wereld, dus contact blijft goed mogelijk. Regelmatig komen er familie en vrienden hier vakantie vieren. De vader van Mark woont hier inmiddels ook permanent. Ook door internet hebben we nog zo'n binding met Nederland -via e-mail, chat en radio - dat het minder ver weg lijkt. Natuurlijk kunnen we niet meer even spontaan bij familie en vrienden een bakkie doen, maar daar hadden we in Nederland door ons werk vaak niet eens tijd voor.Het enige dat we echt missen zijn levensmiddelen. Dropjes, oude kaas, hagelslag, pindakaas, maar ook boerenkool en rookworst. We zijn dus blij als er weer visite komt uit Nederland die en lading boodschappen voor ons meebrengt.
Altijd Nederlander
Aan terugkeren naar Nederland denken we niet. Al staat bij ons nog steeds kippenvel op de huid als het volkslied wordt gespeeld bij een door een Nederlander behaalde sportprestatie, hoor! Ik denk dat je je altijd Nederlander zult blijven voelen.