Thuis in Italië
Thuis in Italië
Vorig jaar zijn mijn partner en ik verhuisd naar Italië. Een langgekoesterde wens is hiermee in vervulling gegaan. Ik was docent Engelse Taalkunde; ik houd me nu vooral bezig met schilderen en schrijven.
Cisca Veelen
We wonen nog maar 2 maanden in bel Italia maar we voelen ons al helemaal thuis. Het is verbazingwekkend hoe snel dat gaat. De verbouwing is begonnen: Johan en Giovanni (buurjongen) zijn boven de muren aan het metselen (van badkamer, slaapkamer, garderobe en atelier), terwijl ik probeer de stof de baas te blijven en heen en weer rijd naar de bouwmarkt om materialen te halen.We hebben al heel wat kleurrijke Italianen ontmoet, waaronder de gemeenteambtenaar die ons, indien het haar en de Italiaanse wet behaagt uiteindelijk zal inschrijven in de gemeente. Een attestato (bewijs van aanvraag) hebben we inmiddels al gehad, dus dat is al heel wat. Ook is er al een vigile (soort wijkagent) langs geweest om te checken of we hier wel echt wonen. Het wachten is nu nog op een telefoonaansluiting. We hebben het aangevraagd bij Telecom, maar wanneer we worden aangesloten weet alleen il dio. We hopen dat het niet zo lang duurt als bij onze overburen (ook Nederlanders). Zij moesten 4 jaar wachten, maar we denken dat dat komt omdat zij hier niet permanent wonen. Als het goed is krijgen we nadat we vaste telefoon hebben, binnen enkele weken ook het felbegeerde ADSL; we wachten met spanning af.
Wachten
Het voordeel van lang wachten is wel dat als je eenmaal hebt gekregen wat je wil, je zo blij bent als een kind en je de betreffende persoon wel om de hals kan vallen. Dat gold voor de postbode die pas na een maand de post kwam bezorgen; de bankdirecteur die ons drie keer terug liet komen alvorens we een rekening konden openen, en de overigens bijzonder aardige meneer van elektriciteitsbedrijf ENEL, die ons keer op keer beloofde dat ja, de volgende keer zou de elektriciteit ècht op onze naam zijn overgeschreven.Ondertussen heeft de zon hier al vele dagen overvloedig geschenen. Zo zeer zelfs dat we konden zonnebaden op het balkon, en als het maar even kan eten we buiten. Al met al bevalt il bel paese dus uitstekend. Het weer, het eten, de mensen: het is wat we er van verwacht hadden, en meer. Nederland lijkt erg ver weg.
Vaklui
Vandaag is het weer una bella giornata (een mooie dag) maar ook op mooie dagen wordt gewerkt. De bovenverdieping moet nog worden geschilderd en in de kelder worden muren opgetrokken. Om de verbouwing te bespoedigen hebben we er nog 2 mannetjes bijgenomen: Antonio en Luca, vader en zoon. Twee harde, betrouwbare werkers.Aan vaklui is hier geen gebrek: elektricien, loodgieter of metselaar - als je ze nodig hebt staan ze meteen voor de deur. Omdat de lonen laag zijn en er vaak geen werk is hebben veel mensen 2 of meer banen. Zo is de loodgieter ook buschauffeur, de elektricien ook ambtenaar, de metselaar ook geometra (soort architect). Zelfs de burgemeester heeft er een baan bij als accountant. (Oude) mensen die niet kunnen werken hebben het niet gemakkelijk.
Post
In ons dorp zie je ze vaak op straat: groepjes oudere jongeren. Het zijn oudere hangjongeren. Men praat wat, kijkt wat, men hangt rond. Het postkantoor blijkt een belangrijke ontmoetingsplaats. Mensen lopen in en uit, begeven zich achter de balie, kletsen wat, verdwijnen weer. Vaak zonder postzaken te doen. De postbode deelt de post alvast uit, dat scheelt hem weer een paar ritjes.We ontvangen de post onregelmatig. De postbode lijkt de post op te sparen en onder te verdelen in 2 soorten: persoonlijke en zakelijke post. De ene keer krijgen we het een, de andere keer het andere. Ons is niet helemaal duidelijk waarom. Daar moeten we nog eens een hartig Italiaans woordje met hem over spreken.De taal is echt genieten, ook al spreken we het verre van perfect. Italianen zijn vaak moeilijk te verstaan, omdat ze voor ons gevoel te snel spreken of met een accent. Gelukkig vinden ze het niet erg om dingen te herhalen. Ze doen dat met overgave.
ll Greco
Elke vrijdag- en zaterdagavond komen Italianen, Engelsen en Nederlanders samen in bar Il Greco. We zijn er nog maar een keer geweest maar het is een gezellig samenzijn. Het is eigenlijk een wijn -en olijfolieproeverij met veel mooie d.o.c’.s. Il Greco zit in een prachtig plaatsje. Het wemelt hier trouwens van de mooie plaatsjes en landschappen. Deze streek (Sabina) wordt met recht het juweel van Lazio genoemd.Overigens kopen wij onze olijfolie bij onze buurman Francesco. Dat is dezelfde buurman die ons en alle verhuizers op de dag van de verhuizing zo gastvrij onthaalde op een uitgebreid pranzo (warm middagmaal). Een hele ervaring was dat. De man is een contadino (boer), en woont zeer eenvoudig, maar daar zaten we dan met een mannetje of 8 te smullen en te drinken, en la mamma en haar dochters keken goedkeurend toe.We missen Nederland geen moment, maar misschien komt dat nog. Wat we wel missen is een vaste telefoonlijn en ADSL. Onze makelaar is het niet gelukt en klagen helpt ook al niet. We gaan nu zwaarder geschut inzetten: de gemeenteambtenaar die ons aan een identiteitskaart geholpen heeft kan het misschien wel regelen, of anders de burgemeester … Nu is het tijd voor il pranzo (het middagmaal), en dan ligt alles hier stil. Zelfs de vogels houden dan hun snavel. Italianen eten binnen; wij buiten, maar als het nog warmer wordt zullen ook wij de koelte van binnen opzoeken.
Eind mei.
De Italianen bereiden zich voor op een lange zomer. De schapen zijn geschoren en het gras is van het land. De zon wordt elke dag wat warmer. Een landerigheid overvalt ons.Waarschijnlijk heeft de Telecom daar ook last van. Want van een technicus en de zo fel begeerde telefoonlijn is nog geen spoor te bekennen. Onze Nederlandse makelaar adviseert ons het erbij Telecom dik bovenop te leggen. In de trant van: we zijn ten einde raad, geef ons a.u.b. een vaste lijn, ik smeek u …
Zoveel dramatiek is voor ons nuchtere Nederlanders niet eenvoudig, maar we doen ons best. Omkopen kan helaas niet. Daarvoor moet je de technicus zelf hebben en die laat zich dus niet horen of zien.
De verbouwing
De verbouwing gaat ondertussen gewoon door. Zoals bij de meeste verbouwingen gaat ook deze niet van een leien dakje. Werklui die niet op komen dagen, materialen die niet op tijd geleverd worden, technische problemen die moeten worden opgelost. Het is erg goed voor ons Italiaans. We blijken een communistische loodgieter te hebben. Alleraardigste man. Zijn standpunt is: loodgieters, artsen, onderwijzers – ze zijn allemaal even onmisbaar, dus moeten ze ook evenveel verdienen. Hij is niet van zijn principes af te brengen, dus inmiddels doet manlief Johan ook het loodgieterwerk zelf.Johan’s haar ziet grijs van het stof, niet van de zorgen. Hij doet het werk met een onbegrijpelijke blijmoedigheid. Het zal wel door het mooie weer komen. En door de Italiaanse modo di vivere (manier van leven). Een veel gehoord gezegde hier is: vediamo – we zien wel. Zo’n zorgeloze houding werkt aanstekelijk.
Soms ontsnappen we aan het stof. Een bezoekje aan kapper Marco is een heerlijk uitje. De man beweegt zich als een acrobaat om elk haartje in model te brengen. Na 2 uur modelleren is de spanning tot een hoogtepunt gestegen. Ons verlossende eindoordeel mi piace (het bevalt me) maakt hem erg blij.
Conversatieles
Voor conversatieles gaan we naar Giorgia, een nichtje van de ambtenaar die ons aan een identiteitskaart heeft geholpen. Giorgia is 18, doet eindexamen lyceo (lyceum) en spreekt super snel. (Dat is dus een goede oefening in de begripsvaardigheid). Haar mamma trakteert elke zaterdag op heerlijke crostata (soort cake met vruchten), gebakken in haar eigen forno al legno (houtoven). Ook krijgen we regelmatig eieren, groente en zelfs eigenhandig geslacht konijn, allemaal afkomstig uit haar tuin.Vanmorgen vroeg kwam Michela (dochter van buurman Francesco) een schaal met pruimen en zucchine (courgettes) brengen. We worden vertroeteld. Ook Alessandro, de elektricien, bracht een fles wijn. Een grote fles van 5 liter, dat is hier heel gebruikelijk.
We genieten van het land en het contact met de Italianen. Als buitenlanders genieten we eigenlijk meer dan de Italianen zelf. Voor ons zijn het weer, het eten, de taal, de omgangsvormen heel speciaal; voor de Italianen heel gewoon.
Ook Poes Mimi lijkt tevreden. Ze maakt graag jacht op salamanders in het gras.
Het is warm en het waait hard. We houden ramen en luiken gesloten anders waait de wind de schilderijen van de muren.De verbouwing vordert gestaag. Antonio en Luca konden vorige week niet komen dus stuurden ze een vriend, Maurio. Maurio is een kleine man, van hooguit 1.60m lang, maar wat hij aan lengte mist wordt ruimschoots gecompenseerd door zijn breedte. Zijn spierbundels zijn enorm. Hij legt de zware zakken cement moeiteloos op zijn linkerschouder en draagt ze een voor een naar boven. Helaas hebben we dit maar een dag mogen aanschouwen, want nadat hij de vloertegels in de badkamer had gelegd is hij niet weer verschenen. Luca zegt dat hij ziek is, maar dat duurt nu al wel een hele tijd. We wachten geduldig af.In ons huis bevinden zich vele kilometers elektriciteitsdraad, in alle kleuren van de regenboog. Rondom sommige draden zitten stickers geplakt die de functie van de draad aangeven: lampade (lamp), frigorifero (koelkast), lavatrice (wasmachine).Onze elektricien, Alessandro, stelt proefondervindelijk vast waar alle draden naar toe leiden. Dat doet hij door aan elke draad te trekken, terwijl wij ons oor te luister leggen op de muur en blij qui! of qua! (hier zo!) roepen als we iets horen ritselen, of een draad zien bewegen in een van de vele bundels die uit de muren steken. Van sommige draden blijft onduidelijk waar ze naar toe lopen. Dat is niet erg. Dan boren we gewoon een nieuwe gleuf in het beton, waardoor de zoveelste, nieuwe draad kan worden getrokken.
Water
Mimi’s vacht voelt stug aan van het stof. Ze likt zich suf om haar mooie witte jas stofvrij te houden, maar het mag niet baten. Ook op al het papier in huis blijkt een dun laagje stof te liggen. Je ziet het niet maar het oppervlak voelt ruw aan. Pennen weigeren prompt dienst. Het koffiezetapparaat begint ook kuren te vertonen, of komt dat door de vele kalk in het water? Dat het water veel kalk bevat is duidelijk, gezien de witte vlekken op aanrechten en kranen.Simone, onze communistische loodgieter, raadt ons een ontkalkingsysteem aan waarmee het probleem zou zijn opgelost. Je kunt dan zelfs ook het water uit de kraan drinken. We zijn nuchtere Nederlanders, en sceptisch: waarom zou je eigenlijk geen kalkrijk water kunnen drinken, in Nederland wordt kalk zelfs toegevoegd aan melk. Nee, nee, verzekert hij ons, te veel kalk is slecht voor de nieren. Waar het wèl goed voor is, is zijn portemonnee. Een fabelachtig bedrag wil hij in rekening brengen voor aankoop en montage van een magnete (magneet).We besluiten de kalkvlekken voorlopig zelf te lijf te gaan met een sterk anti-kalk middel. Het goedje prikt venijnig aan je handen, maar leidt tot een verbluffend, fonkelend resultaat. Voor de zekerheid blijven we ook nog maar even flessenwater drinken tot duidelijk is wat er precies mis is met het water uit de kraan.
Verrassingen
Pàng, plop, beng, horen we regelmatig in het huis. Misschien zijn het de overvolle elektriciteitsdozen die openbarsten of de schroeven die de kromgetrokken deurposten op hun plaats proberen te houden. Het kan ook het vuurwerk zijn uit een van de naburige plaatsjes want vaak is er in een omliggend dorp een festa wat steevast wordt afgesloten met geknal. Of misschien zijn het de jagers die in de buurt op everzwijn schieten? We houden het er maar op dat overdag door de warmte alles een beetje uitzet, en s’nachts bij relatieve koelte alles weer een beetje inkrimpt. Het huis is 12 jaar onbewoond geweest en verzet zich nu een beetje.Onze bouwmaterialen kopen we bij Feretti. Deze bouwmarkt bevindt zich onder aan een heuvel, half verscholen achter de struiken. Bij binnenkomst lijkt het een klein winkeltje te zijn, maar al gauw blijkt dat er achter deze ferramenta (ijzerwinkel) een enorm complex schuil gaat. Onder de winkel bevinden zich de catacomben met werkelijk alles op het gebied van Fai da Te (Doe het zelf). Een waar Mekka dus voor de doe-het-zelver.Zulke verrassingen doen zich vaker voor. Ogenschijnlijk kleine winkeltjes, met verbleekte uithangbordjes blijken een enorme keus en kwaliteit te bieden op velerlei gebied. Je moet ze alleen wel weten te vinden. De pagine gialle (gouden gids) biedt niet altijd uitkomst. Veel beter is om via via je adresjes te vinden. Wat anderen aanbevelen is bijna altijd goed. Het lijkt een van de principes te zijn waarop de Italiaanse maatschappij is gebaseerd: heb je iets of iemand nodig vraag het aan iemand die je kent en wiens oordeel je vertrouwt.Aankopen doen in Italië is een genoegen, niet alleen bij Feretti. Vaak word je verwelkomd met een enthousiast buongiorna signora / signore. Soms springt men bijkans in de houding. Kom je ergens regelmatig dan worden er handen geschud en aardige woorden gesproken. Ook krijg je vaak iets extra’s (bijv. verse kruiden bij de groenteboer), of prijzen worden naar beneden bijgesteld. Het is een plezierige vorm van klantenbinding die werkt.
Dokter
Gisteren hebben Giovanni en Johan de keuken eruit gebroken. We hebben nu alleen nog een broodrooster en een magnetron tot onze beschikking. Dat betekent dat we veel bruschetta eten: geroosterd brood met olie en tomaat. Dat is geen straf, want de tomaten zijn dieprood en vol van smaak. De magnetron gebruiken we voor het opwarmen van reeds gekookte pasta, iets wat menige Italiaanse mama met afschuw zal vervullen, maar wat wonderwel goed lukt.Tijdens het breekwerk kreeg Giovanni een steen op zijn hoofd. Het bloed stroomde over zijn gezicht, maar hij wilde van geen dokter weten. Il dottore fa dolore (de dokter doet pijn) was zijn commentaar. Dus hebben wij hem zelf voorzien van kompressen en verband, maar niet nadat hij eerst wat sigarettentabak op de wond had gelegd, omdat dat het bloed zou stelpen. Giovanni houdt dus niet van dokters, maar hij zou er ook geen kunnen betalen want verzekerd is hij niet.Mario (de tegelzetter) is terug. Hij verscheen weer net zo plotseling als hij was verdwenen. Waar hij al die tijd is geweest is, is onduidelijk, maar inmiddels is hij hard op weg onze favoriete bouwvakker te worden. Hij doet het werk met grote precisie, ook al is de badkamer nu een sauna door de extreem hoge buitentemperaturen. De arme man zweet peentjes. Drinken wil hij niet want daar ga je alleen maar meer van zweten, zegt hij.Vandaag is begonnen met het stuken van de nieuwe muren in de keuken. De cementen onderlaag wordt aangebracht door het cement met kracht tegen de muur aan te gooien. Ongeveer op de manier zoals Karel Appel zijn verf aanbracht op het doek. De klodders cement vliegen in het rond. De omliggende muren, het plafond, de ramen en de deuren, geen oppervalk wordt gespaard. Het opgedroogde cement vormt kleine hoopjes gruis en stof op vloeren, vensterbanken en meubels. De stofzuiger weigert nog langer het stof op te zuigen. Ons huis is in een bouwplaats veranderd.
Het is 38 graden.
In de supermarkt is het `s morgens om half negen al behoorlijk druk. De winkel is ook open tijdens il pranzo (de middagmaaltijd), wat ongebruikelijk is in Italië en helemaal met deze hitte omdat werkelijk niemand zich op straat waagt. Niemand behalve een paar veel te warm geklede Nederlanders die nog veel moeten leren. Puffend sjouwen we heen en weer met wijnflessen en boodschappentassen. We zweten op plaatsen waar we dachten niet te kunnen zweten. Dit doen we niet nog een keer.In Giorgia’s huis hangen zware gordijnen voor de ramen: eerst vitrage, daaroverheen twee dikke overgordijnen. Het blijkt geen overbodige luxe te zijn, maar een effectieve manier om de warmte uit je huis te houden. Als rechtgeaarde Nederlanders die zo vaak verstoken zijn geweest van warmte willen wij daar natuurlijk niet aan. Dus hangen we fragiele vitrage voor de ramen, want dat staat mooi, vooral als de zon er op een speelse manier door naar binnen schijnt.De fragiele vitrage wordt al spoedig verwenst. In de slaapkamer wordt het snikheet, ook al ligt hij aan de schaduwkant. We nemen direct maatregelen. We hangen een ventilator aan het plafond en we doen wat alle Italianen doen: overdag gaan de luiken dicht en pas `s avonds als de wind opsteekt gaan ze weer open. In het hele huis is het nu aangenaam koel. Zelfs buitenkat Mimi blijft binnen.Buurman Francesco heeft vorige week weer hout geleverd voor de open haard. Het is verstandig om het hout in de zomer te bestellen, want het is nat en dan kan het goed drogen voor de winter. Het hout arriveert in dikke stammen die nog een keer gekliefd moeten worden. Aan Francesco’s rechterhand ontbreekt zijn duim en wij hebben wel een vermoeden hoe dat komt. Francesco houdt de dikke stam met beide handen in balans, zijn enige, nog resterende duim bovenop, en nèt voordat zijn maat de bijl laat neerkomen, trekt hij snel zijn handen weg. Het tafereel doet ons naar adem happen. Maar Francesco kent geen angst. Ook al loopt hij het risico ook zijn andere duim te verliezen, hij blijft doorgaan met deze praktijk.
Het is half juli.
De velden staan vol zonnebloemen. Wat een overdaad aan geel. Geen wonder dat van Gogh de zonnebloem zo mocht. Ondertussen gaat de verbouwing door. In het stuc dat buurman Giovanni gisteren op de muren heeft aangebracht zijn scheuren verschenen. Op het immer onbewogen gezicht van Giovanni is een lichte paniek te bespeuren. Hoe gaan de Nederlanders hier op reageren? We bekijken de situatie. Zal het stuc naar beneden komen? Johan inspecteert de muur en oordeelt dat er niets aan de hand is – het stuc is weliswaar gebarsten, maar het zit goed vast. Er moet gewoon een nieuwe dunne laag over de scheuren worden aangebracht. De volgende dag wordt nieuw stuc op de gebarsten laag gesmeerd en naar het zich laat aanzien blijft het zitten waar het zit.Nu het stuc er eenmaal opzit, moet het worden gladgeschuurd. Dat gebeurt met een schuurmachine. Na een half uurtje schuren hangt er in de keuken en woonkamer een dichte mist. Als de mist is opgeklaard heeft zich een dikke laag witte poeder gevestigd op vloeren en vensterbanken. Het lijkt nog het meest op poedersuiker en je zou er zo een likje van nemen. We vegen het bij elkaar en scheppen het, als ware het sneeuw, met scheppen tegelijk de vuilnisbak in.Na het schuren met de schuurmachine volgt het schuren met de hand. Giovanni legt ziel en zaligheid in dit tijdrovende werkje. De muren worden spiegelglad en zo zacht als een babyhuidje. Van ons had het ook iets minder zacht gemogen, vanwege al het stof, maar Giovanni is trots op het resultaat. En dat genoegen willen we hem niet ontnemen. Dus bewonderen we de muren en beloven er, op zijn verzoek, zo min mogelijk tegen aan te stoten.
Feest
Het is feest in ons dorp. Drie dagen is het centro storico (historisch centrum) afgesloten voor verkeer. Verspreid over het plaatsje zijn er kunsttentoonstellingen, eetfestijnen en er is muziek. Op het feest komen we ze weer tegen: Maurio, de tegelzetter, Simone, de loodgieter, Alessandro, de elektriciën. We begroeten elkaar als vrienden. Vrienden maken is in Italië heel gemakkelijk. Dat komt omdat mensen elkaar hier nodig hebben. De staat doet niets voor je; van je vrienden en familie moet je het hebben. Over en weer worden er gunsten verleend en diensten bewezen. De onderliggende gedachte lijkt te zijn: jij doet wat voor mij, ik doe wat voor jou.Zo heeft Simone in het centro storico ook voor mij een adresje geregeld waar ik mijn schilderijen ten toon kan stellen. Het is een kleine magazzino (opslagruimte). De ruimte zelf is al een plaatje. Zware, oude balken prijken aan het plafond en in de dikke muur van pietra (natuursteen) zijn ruimtes uitgespaard waar je kunt zitten. Het is een mooi ambiente (vertrek) voor 5 of 6 schilderijen.
Aardappelen
Giorgia, onze ‘lerares’ Italiaans, is een ghiottone (lekkerbek), en haar moeder is dat ook. Ze houden niet alleen van lekker eten, ze kunnen er allebei ook lang en gepassioneerd over praten. Zelfs een eenvoudige aardappel kan Giorgia’s mama in vervoering brengen. Ze vertelt met enthousiasme over de rode patate (aardappelen) die ze heeft gerooid: hoe mooi groot ze zijn en hoe vers, en hoeveel lekkerder dan in de supermarkt. Trots toont ze ons 2 exemplaren. En het moet gezegd: ze zien er inderdaad mooi uit. Nou eten wij praktisch nooit aardappelen (als verstokte Italië - fans zijn we al jaren geleden overgestapt op pasta), maar zoveel enthousiasme laat ons niet koud en we besluiten er wat te kopen. Giorgio’s mama zal een paar zakken bij de auto neerzetten, zegt ze, terwijl wij onze conversatie met Giorgia voortzetten. Na de les, bij aankomst op de parkeerplaats staan er 10 kilo aardappels op ons te wachten. Hier hebben we genoeg aan voor de komende 2 jaar. Nu maar hopen dat ze inderdaad lang mee gaan, zoals Giorgia zegt.Ze smaken in elke geval uitstekend bij het konijn van Giorgia’s moeder dat we al eerder kregen, maar bij gebrek aan een keuken hadden ingevroren. Ik bereid het konijn in een marinade van rode wijn en crema di balsamico. Het vlees kleurt donkerrood en als je het goed doet, houd je een mooie ingedikte saus over. Mmmm.
Italiaans licht
Wij zijn niet van de Hollandse luchten, meer van het Italiaanse licht. En dat licht is er ’s morgens vroeg heel plotseling en heel intens. Rond 6 uur komt het de slaapkamer binnen en het gaat de rest van de dag niet meer weg. Het is bij dageraad al duidelijk: dit wordt weer een prachtige dag.
We moeten geduldig zijn. Om het te leren zeggen we regelmatig tegen elkaar wat ook de Italianen veel zeggen: Vediamo (we zien wel), è cosi (zo is het nou eenmaal) en piano piano (langzaam aan).
http://www.ciscavanveelen.com