Editie MEI 2012

ONTVANG EMIGREER MAGAZINE VOORTAAN OOK IN JE MAILBOX !!

 

Top 10

Column Marisa, Een plek onder de zon

Een plek onder de zon 

Emigreren brengt veel, heel veel acties met zich mee waarover je zonder emigratieperikelen praktisch nooit nadenkt. Zoals het bepalen welk land aan al je nieuwe-leven-verlangens voldoet, welke regio het beste is, hoe het met de werkgelegenheid en gezondheidszorg gesteld is en of de kinderen kunnen rekenen op gedegen onderwijs. Maar zodra het visum op de mat valt, staat er op die alsmaar uitdijende to-do lijst toch maar een ding onbetwist bovenaan: het vinden van een huis. In ons geval: gemeubileerd en wel, aangezien de container met huisraad er minimaal zes weken over doet om de halve wereld rond te varen.

Via het web regelden we een vakantiehuis aan een aantrekkelijk Kiwi-strandje, om de eerste weken na aankomst zonder huizenstress door te kunnen brengen.
 Nadat de vrachtwagen met de goed gevulde zeecontainer voorzichtig onze smalle straat uit was gemanoeuvreerd en we de makelaar onze huissleutels hadden overhandigd, wandelden we ieder met een koffer en een notebook naar de overkant van het Vondelpark om in een knus hotel van ons laatste etmaal in Amsterdam te genieten.

De poezen waren al vier weken eerder vertrokken en zaten hun verplichte quarantaine-tijd uit in een gespecialiseerd dierenhotel in Auckland, waar ze – te oordelen naar de e-mails met lovende woorden en vertederende foto’s die we toegezonden kregen – het personeel direct om hun pluizige pootjes hadden gewonden. Die laatste dag waren we volledig dakloos, autovrij en huisdier-arm... maar niet eerder voelden we ons zo ongebonden en zorgeloos! Pas toen ervoeren we dat bezit eigenlijk een last is en soms verstikkende verantwoordelijkheden met zich meebrengt. Met slechts twee koffers en twee laptops was het leven opeens verrassend eenvoudig en overzichtelijk!
 

Na aankomst in Auckland haalden we eerst de poezen op, die tevreden zaten te knikkebollen op een monsterlijke speeltoestel maar blij opsprongen toen ze ons in het vizier kregen. Daarna reden we in een goedkoop huurautootje naar de Tutukaka Coast waar we werden verwelkomd door een gezellig huis aan een schitterende baai. De eerste week gebruikten we om een aantal noodzakelijke dingen op orde te brengen. We kochten een robuuste auto, openden een bankrekening, kregen tot onze verrassing direct een setje pinpassen mee, regelden een postbus, schaften nieuwe simkaartjes voor de telefoons aan en een mobiel internet-modem zodat we ook in het vakantiehuisje-zonder-telefoonlijn het web op konden. Als een witte tornado raasden we door ons nieuwe land alsof we het emigratiekunstje al minstens drie keer eerder hadden geflikt! 

In week twee waren we klaar voor de volgende stap: het kopen van een stuk land voor een nieuw te bouwen huis. De plaatselijke makelaar in Ngunguru was een uitzonderlijk slanke en elegante Maori; hij was in de jaren zestig geadopteerd door een Nederlands echtpaar, sprak zelf geen woord Nederlands maar wist wel alles van oliebollen, pindakaas en Sinterklaas! Hij troonde ons mee langs een schier eindeloze selectie van schitterende locaties, die niet alleen ver boven de zeespiegel maar ook ver boven ons budget lagen. Hmmm. ..Bovendien begon de tijd te dringen omdat we nog maar een week in het vakantiehuisje konden blijven. Dus plukten we enkele advertenties voor huurwoningen uit de krant en deden een tourtje langs de aangeboden stulpjes. 

Zo bezochten we een huis van een vroegtijdig gepensioneerd stel dat van de huuropbrengst een jaartje door het land wilde reizen met hun camper. Het huis was in de jaren zeventig gebouwd en sinds de oplevering was er geen schrootje meer aan veranderd! De badkamervloer, bruin uitgeslagen van het vocht, zou nog wel een lekker fris couponnetje zeil krijgen en het vette keukenplafond kon voor oplevering nog zeker een likje verf tegemoet zien. Toe maar! We bedankten vriendelijk en maakten ons zo snel mogelijk uit de voeten.

De tweede optie was een nieuwbouwhuis van Sunshine Homes, op steenworp afstand van de Tutukaka jachthaven en met een mooi uitzicht. Toeval of niet, maar ook de camper van dit echtpaar stond al in de startblokken! Het huis was brandnieuw en netjes, en zou elke 65-plusser in hogere sferen hebben gebracht. We baanden ons voorzichtig een weg langs vitrinekastjes met kristallen prularia, gepolitoerde bijzettafeltjes en geborduurde kleedjes, om op een riant gebloemde bank terecht te komen. Na verloop van enkele minuten merkten we echter dat de koude bank zich als een vochtige spons aan ons vastzoog… en terwijl we gealarmeerd rondloerden, zagen we de condens van de ramen stromen. Het zo mooie nieuwbouwhuis bleek kil en vochtig te zijn door slechte isolatie en nog slechtere ventilatie. We namen afscheid van de hoestende bewoners en zagen onze kansen op een normaal huurhuis dramatisch afnemen.
 

In het kantoor van de makelaar vertelden we de receptioniste alle horrordetails over ons huuravontuur. De dag erna hing ze aan de telefoon: of we misschien haar bach vlak naast ons vakantiehuis wilde huren totdat we iets beters vonden? Een bach is een typisch Kiwi vakantiehuisje: een eenvoudige accommodatie dat z’n oorsprong vond in een bachelor’s, een optrekje voor een vrijgezel. En zo liepen we een week later met koffers, laptops en poezen langs het strandje om drie huizen verderop in Chrisie’s bach nog wat tijd te winnen en onze zoektocht naar een huurhuis voort te zetten.  Vlak erna vonden we via het web een enorm stuk land voor een geweldig goede prijs: niet aan de Tutukaka Coast, maar anderhalf uur dichterbij Auckland. Het land lokte ons naar Mangawhai, een stranddorp waar hardwerkende Aucklanders komen uitpuffen in hun uitbundige buitenhuis of bescheiden bach. Binnen een dag vonden we een geschikt huurhuis en als klap op de vuurpijl bleek de zeecontainer ongeschonden aangekomen te zijn. Het echte huis zou nog een jaar op zich laten wachten, maar wij waren voorlopig onder de pannen!