
Editie MEI 2012
ONTVANG EMIGREER MAGAZINE VOORTAAN OOK IN JE MAILBOX !!
meer weer
InterProject Oostenrijk ![]()
Oomen Fiscaal Advies ![]()
Yummy Dutch.com
Buy dutch products ![]()
Immotrust.nl Oostenrijk ![]()
Bel + Spaar ![]()
Cursus Spaans in Spanje
don Quijote Nederland ![]()
Premium Properties ![]()
EspaWords.com
Alpendreams Oostenrijk ![]()
Immigrate 2 Alberta ![]()
Cradle Kraamzorg
Saba Island Realty ![]()
Emigratie.startpagina.nl Emigratie.startkabel
Hollandsouvenirshop.nl 
Verhuisboxen.nl ![]()
Uw link hier?
TK:App. Penang Maleisië ![]()
TK:Fossumpropperty ![]()
TK:El Momo Cottages Saba ![]()
Uw link hier?
En ook nog zeer uitgebreid
in het Emigreer Magazine?
Harde regen, miezerige regen en alles ertussenin
Een van onze redenen om naar Nieuw-Zeeland te emigreren was het weer. We hadden schoon genoeg van het natte Nederlandse klimaat en zochten een land met minder regen en meer zonuren. Tijdens onze verkenningsvakantie in de Nieuw-Zeelandse winter genoten we drie weken lang van de zon en een gemiddelde temperatuur van 17 graden. Wow, dit smaakte naar meer!Aangezien het noorden van het Noordereiland subtropisch is, viel onze keuze op Northland met zn exotische overdaad aan palms, pukas, pongas en pohutukawas.
September 2007 arriveerden we in ons nieuwe land. We betrokken een houten huurhuis waar centrale verwarming niet in het standaard pakket bleek te zitten. De makelaar verzekerde ons dat dit the winterless north is en alleen al bij de gedachte aan centrale verwarming, dubbel glas en isolatie kon ze een glimlach niet onderdrukken. De eerste maanden wisselden regenbuien zich af met zonnige perioden, maar na de kerst kwam de zomer in volle glorie door en we teenslipperden tot eind mei rond in t-shirt, korte broek en factor 30. Ons huis had enorme glazen schuifpuien en harmonicadeuren naar het terras voor de onontbeerlijke indoor-outdoor flow. Het was inderdaad heerlijk vertoeven in deze lichte doorzonwoning! Maar toen werd het winter. En deze winter leek in niets op de winter van onze eerste Kiwi-vakantie. Weinig tot geen zon, enge stormen die de glazen schuifdeuren zowat uit hun aluminium frame forceerden en eindeloos veel regen: harde regen, miezerige regen en alles ertussenin. Soms in dunne sluiers; meestal in dikke stralen. Ons tropisch gekleurde onderkomen degenereerde rap in een kille, klamme koelkast. We kochten een straalkacheltje, type oversized broodrooster. Deze zette ik overdag in mijn schrijfkamertje wanneer ik drie truien dik achter de computer kroop, steevast in het gezelschap van de twee poezen die zich op zoek naar wat behaaglijke warmte in de leesstoel nestelden. Tijdens de lunch en s avonds droeg ik het kacheltje onder mijn arm naar de woonkamer om enigszins zonder klappertanden te kunnen eten. Aangezien de temperatuur in de woonkamer overdag niet boven de 15 graden uitkwam, kochten we ook een elektrische oliekachel met ventilator. Het ding vrat energie en het effect was te verwaarlozen: het huis bleef bitter koud. Wanneer we naar bed gingen lagen we rillend onder een stapel donzen en synthetische dekbedden. Dus kluunden we opnieuw naar de winkel voor een elektrische deken, wat ons terugflitste naar lang vervlogen kinderdagen en ijsbloemen op het raam.
‘s Ochtends sijpelde het vocht langs de ramen... vanbinnen. De Kiwis hoestten en proestten dat het een lieve lust was en in een natte strijd tegen de tocht trokken ze hun klamme gordijnen nog maar eens extra goed dicht. Regelmatig verzonnen we excuses om ergens naartoe te kunnen rijden en op temperatuur te komen in de warme auto. Eenmaal weer thuis - waar het standaard vijf graden kouder was dan buiten - gingen de kacheltjes op tien. Maar wanhopig koukleumen maakt ook creatief en zo ontdekten we een onconventionele, gloednieuwe toepassing van de heteluchtoven: vanaf die dag werd deze s ochtends meteen aangezwengeld en opengezet om zijn zalige warmte voortdurend de woonruimte in te blazen tot groot genoegen van Genesis Energy die ons naast oplopende rekeningen ook brieven stuurde waarmee in hartverwarmende bewoordingen de waardering voor klanten als wij werd geuit. Tja. Was dit nu die schitterende subtropische toekomst die ons zo zonnig toescheen in onze comfortabele etagewoning bij het Vondelpark?
Wat ons die periode toch in treurig Nieuw-Zeeland hield was een aanlokkelijk vooruitzicht: ons nieuw te bouwen huis. We zaten middenin de ontwerpfase en voerden verhitte discussies over isolatie en dubbel glas met een bouwmanager die onze opmerkingen over de kille winter lachend wegwuifde. This is the winterless north, guys! klonk zijn optimistische mantra zodra we onze koude neuzen om de hoek van zijn kantoor staken. Daarbij liet hij het niet na te benadrukken dat dit de ergste en natste winter was in vijftig jaar; zoiets had hij ook nog nooit meegemaakt. Op dat punt had hij gelijk: zelfs de media konden er niet over uit hoe verschrikkelijk en uitzonderlijk deze Kiwi-winter wel niet was. Dankzij de belofte van een nieuw huis wisten we dat we slechts eenmalig hoefden door te bijten. De volgende winter zouden we immers elke avond voor de schitterende open haard in ons Grand Design-stulpje onderuitzakken, waar de airconditioning op hot zou staan en er geen zuchtje warme lucht door de geleerde muren, vloeren, plafonds en ramen zou ontsnappen.
Het liep anders. Omdat de bouw van het huis zeker een jaar zou duren, gingen we op zoek naar een huurhuis zonder vocht en tocht: een haast onmogelijke opgave in deze streek. De geweldige koopwoning die we op een website hadden gezien, bleek helaas niet te huur te zijn iets dat vaak juist wel mogelijk is hier. Of we toch even wilden kijken misschien? Op een unieke, zonnige winterdag reed de makelaar ons opgewekt over een onverharde, modderige weg waar zich na enkele bochten opeens een zinderend huis blootgaf, weg genesteld in 1.7 hectare heuvellandschap. Nog voordat de auto tot stilstand kwam, waren we hopeloos verloren. En zo ondertekenden we enkele weken later geen bouwcontract, maar een koopovereenkomst.
Het is nu januari en ik schrijf deze column op ons zonovergoten terras met uitzicht op de Pacific, terwijl de tuis fluiten en de vlinders om me heen fladderen. Het is dankzij het vrolijk gekleurde, maar oh zo kille huurhuis dat wij deze droom in onze armen konden sluiten. Ja, het is goed geleerd, maar zoals in alle Northland-woningen ontbreekt ook hier de centrale verwarming en het dubbelglas. Een kniesoor die daarop let. Dit is immers the winterless north, guys!
Marisa Garau (Delft, 1968) is schrijfster. Na haar eerste boek over mindfulness (Lannoo, 2007)schreef zij dit jaar een boek over haar emigratie naar Nieuw-Zeeland: www.eenjaarmet2zomers.nl